eerstegraadsfuncties

 

 

Opgave 4

Los de volgende vergelijking op en geef de oplossing in twee decimalen met een decimale punt.

-7(x-6) = 13(x+5)+3

Oplossing

Eerst haakjes verdrijven

-7x + 42 = 13x + 65 +3

-7x + 42 = 13x + 68 beide kanten met 42 verminderen

-7x + 42 – 42 = 13x + 68 – 42

-7x = 13x + 26 beide kanten met 13x verminderen

-7x – 13x = 13x – 13x + 26

-20x = 26 beide kanten door -20 delen

x = -1.30

Antwoord -1.30